20 mei, 2013. Noord­west Schot­land.

Een grij­ze, stil­le we­reld. Af en toe de roep van een kraai, de wind in een hei­de­struik, of een bui­zerd in de ver­te. Voor ons ligt het meer, zacht glan­zend, bij­na rim­pel­loos, en vol ver­bor­gen ver­ha­len. Weg­zak­kend in drijf­nat veen­mos, zoe­ken we ons een weg door de hei­de. En dan staan we aan de oe­ver. Ooit groef een glet­scher hier een 700m lan­ge kuil. En toen dui­zen­den ja­ren la­ter het ijs smolt, werd de kuil een meer, met erin een klein ei­land­je. Loch Tol­laidh was ge­bo­ren.

Dan ver­schij­nen er men­sen. Ze bou­wen er hut­ten, gaan het meer op, van­gen vis­sen, en op het ei­land­je ver­rijst een pri­mi­tief soort hei­lig­dom. Na hen ko­men an­de­ren. Het dal wordt een door­gangs­rou­te, het meer een pleis­ter­plaats voor han­de­laars, ro­vers en sol­da­ten.

Van dat al­les is nu bij­na niets meer over. Als je goed kijkt, her­ken je hier en daar, ver­bor­gen in de hei­de, een on­dui­de­lij­ke steen­cir­kel, de res­ten van een weg, een ru­ï­ne die ooit een huis was. Het zijn de laat­ste be­rich­ten uit een ver­dwe­nen we­reld, lang­zaam fijn­ge­ma­len door de tijd, toe­ge­dekt met mos en hei­de, ver­zon­ken in het veen.

Staand op de nat­te oe­ver, maak ik een paar fo­to's, en pro­beer iets te ont­wa­ren op het ei­land­je. Maar een grijs gor­dijn glijdt lang­zaam het meer over. De ber­gen aan de over­kant ver­dwij­nen. Een fij­ne mot­re­gen duwt me te­rug. We moe­ten ver­der.

 
Line De Vos