Beekhuizerzand, 6 nov. 2018. wind: Oost 4. Temp: 19º C.
Het moet ergens rond de herfst van 1950 geweest zijn, dat een Vlaamse Gaai een eikel op een mooi plekje in de grond van het Beekhuizer bos stopte en hem maanden later vergat op te graven.
De eikel ontkiemt in het voorjaar en het plantje weet onopgemerkt te overleven. Tien jaar later is het een stevig boompje, met vijf dikke hoofdwortels breed en diep in de vochtige bosgrond verankerd. Maar op een veilige 200 meter verderop, begint een droge, kale zandvlakte. Het laatste restje van een grote zandverstuiving, honderden jaren geleden ontstaan, toen boeren het bos kapten en de heide afplagden.
Maar rond 1990 begint Staatsbosbeheer het project Beekhuizerzand, met als doel de oorspronkelijke, grote zandverstuiving, met haar unieke natuur, weer terug te brengen. Veel bomen worden gekapt, waardoor de wind vrij spel krijgt. Grote stukken bos veranderen weer in stuifzand. Maar om onduidelijke redenen blijft de eik gespaard.
Vanaf dat moment staat ze niet meer in het bos, maar onbeschut in deze voedselarme woestijn. 's zomers blootgesteld aan droge hitte, 's winters aan even droge vrieswind. Ze groeit nauwelijks, soms maar enkele centimeters per jaar. Maar ze houdt stand. Afgevallen bladeren en takken vormen een bescheiden humuslaag om haar heen, die zand en vocht vasthoudt. Het wordt een kleine heuvel, die onder haar bladerdak een schaduwrijke woonplaats biedt aan allerlei insecten en reptielen. Soms, tijdens natte zomers, verschijnen jonge berkjes en denneboompjes om haar heen en lijkt het bos onder haar bladerkroon voorzichtig terug te keren. Maar na een paar droge jaren is daar meestal weinig meer van over en steeds weer dreigt de wind nog meer zand tussen haar kostbare wortels weg te blazen.
Dan komt de grote droogte van 2018. De grondwaterstand is lager dan ooit, de hete wind verschroeit haar bladeren en al haar cellen nemen strenge maatregelen om zo weinig mogelijk vocht te verliezen. Het is op een stralende 6 november, als Tineke en ik erlangs fietsen. Alles is kurkdroog, de wind is oost 4 en het is 19 graden. Pas tien dagen later keldert de temperatuur en het gaat regenen. Opeens is het herfst en een week later heeft ze al haar bladeren laten vallen. Maar in haar vochtige knoppen wacht ze al op het komende voorjaar. Ze heeft het weer overleefd.